Kijk naar de wijzers en kies hoe laat het is.
Je oefent hele uren, halve uren, kwartieren en ten slotte elke 5 minuten.
Voor ouders
Kinderen leren hier de analoge klok lezen zoals op school: eerst de hele uren en halve uren (1ste leerjaar), daarna kwart over en kwart voor (2de leerjaar), en ten slotte per 5 minuten, zoals “10 voor half 4” (2de–3de leerjaar). De kleine wijzer is rood (uur) en de grote wijzer blauw (minuten), zodat ze makkelijk uit elkaar te houden zijn.
Leerjaar: 1ste–3de leerjaar
Veelgestelde vragen
Waarom is “half 4” eigenlijk 3.30 uur?
Bij “half 4” is het een half uur vóór 4 uur. Dat is voor veel kinderen het moeilijkste deel, en daarom zit het in de foute antwoorden vaak als valstrik.
Zit er ook een digitale klok in?
Nu oefent het spel de analoge klok. Je kan je kind wel vragen om het uur ook in cijfers te zeggen, bv. 15.45 uur.
